Posts tonen met het label Nu. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Nu. Alle posts tonen

woensdag 16 september 2026

Ik ben bang om mensen pijn te doen

Toen ik in 2024 nog dacht dat mijn schrijfsels een boek zouden worden schreef ik dit: 

26 juni 

Telkens als ik probeer te schrijven, krijg ik buikpijn. Zijn het gewoon de zomerblues of de vakantie? Nee, ik weet waar het door komt. Ik ben bang om mensen pijn te doen. Bij gevoelige onderwerpen is dat haast onvermijdelijk, toch? 


Een opmerking die me raakte
Ik las een opmerking van iemand met dezelfde kerkelijke achtergrond als ik, die nog steeds in de Gereformeerde Gemeente zit. 


๐Ÿ‘‡ De opmerking (wel beetje aangepast):

Als je tijdens een preek troost en verdieping vindt, en je voelt dat God persoonlijk tot je spreekt, is het dan niet verdrietig als anderen zeggen dat de prediking niet Bijbels is en deze zelfs bekritiseren?

Tijdmachine
Ik stelde me voor dat ik een tijdmachine had en terugging naar die tijd. Hoe zou ik mijn stukjes lezen, zittend op het randje van mijn bed, omringd door boeken en preken? Waarschijnlijk zou ik het moeilijk vinden, verdrietig en ongemakkelijk worden, en misschien denken: die schrijver kan nooit een kind van God zijn. Maar ik zit niet meer op het randje van mijn bed. Er ligt ruim 35 jaar tussen toen en nu. Het lijkt onmogelijk om mijn Refocoulumns te schrijven zonder iemand pijn te doen. En als je iemand pijn doet kan je nare reacties verwachten, dat vind ik echt niet fijn. Ik ben er een beetje bang voor.

Ik ga weer verder
Maar hรฉ, ik ben er weer. Wat me op weg hielp, was een korte uitleg van de bijbetekst hieronder:
Want God heeft ons niet gegeven een geest der vreesachtigheid, maar der kracht, en der liefde, en der gematigdheid. Schaam u dan niet der getuigenis onzes Heeren, noch mijns die Zijn gevangene ben; maar lijd verdrukkingen met het Evangelie, naar de kracht Gods; Die ons heeft zalig gemaakt, en geroepen met een heilige roeping; niet naar onze werken, maar naar Zijn eigen voornemen en genade, die ons gegeven is in Christus Jezus, voor de tijden der eeuwen.
Ik ontving een aansporing
Natuurlijk ben ik geen Timotheรผs, maar ik weet dat Gods Woord nog steeds krachtig is, en ik ontving dit dan ook als een persoonlijke aanmoediging. Ja, ik worstel met een geest van vreesachtigheid, maar met Gods hulp schrijf verder over mijn reformatorische verleden en wel zo oprecht en behoedzaam mogelijk. 


Wie moest ik geloven?

Op dit moment schrijf ik over mijn innerlijke strijd: de woorden van de dominee versus wat ik las bij John Bunyan en Andrew Gray en anderen. Je weet wel: oudvaders noemen we hen. Wie moest ik geloven? Waar vond mijn twijfelende ziel houvast? Mijn laatste snippet op Instagram, nog voor onze vakantie, ging zo:
"1987 was het jaar dat ik slaagde. Ik besloot niet verder te leren maar te solliciteren.

๐Ÿ“– Ik ging een schriftelijke cursus doen, waarbij ik antwoorden moest insturen. Op die manier las ik een “oudvader” en leerde meer over de leer: een boek van Arnoldus van Rotterdam."
๐Ÿ˜ฅ Ik bleef maar piekeren over wat de dominee zei in de preken. En dit las ik in รฉรฉn van mijn oude dagboekjes. Ik schreef in 1987:
"De dominee zei dat er buiten de bekendmaking van het recht geen mogelijkheid van zaligworden is. Ik ken dat recht niet. Dus is het vermetelheid om op de Heere Jezus te zien. Ik durf er niet mee naar de dominee te gaan om erover te praten. Straks denkt hij dat ik me bekeerd voel. Daar waarschuwt hij steeds tegen. Ik krijg buikpijn als ik aan hem denk en toch zou ik zo graag met hem praten."

__ 


Nu is het geen 2024 meer maar 16 september 2026. Yep, dit is een stukje van wie ik was, zo lang geleden. Wat een worsteling was dat. 

dinsdag 15 september 2026

Ik word zooo naar van jouw stukjes

Voor alle duidelijkheid: de blogs die ik vorige week gedeeld heb, stonden allemaal al ingepland. En die van de week daarvoor ook.

Ik kreeg verschillende reacties van mensen die er echt beroerd van werden. Niet omdat ze het niet herkenden, maar juist omdat ze het zรณ goed herkenden. En die herkenning deed pijn. Sommigen zeiden zelfs: hier wil ik eigenlijk helemaal niet meer aan denken. Ik heb het verdrongen.

Dat snap ik. Ik word ook naar van mijn stukjes

๐Ÿ˜Ž

Toch deel ik deze stukjes wel. En ook vrij uitgebreid. Omdat ze ook laten zien wat een bepaalde manier van preken met mensen kan doen. Als รฉรฉn bepaald, scheefgetrokken beeld steeds weer wordt neergezet en er weinig ruimte is voor een ander geluid, kan dat heel diep ingrijpen. Je gaat het normaal vinden, het wordt รฉรฉn met wie je bent. 

Ik noem het: dit zijn mijn roots. Dit kreeg ik mee en hoe erg ook... er is een manier om er los van te komen. Van een eenzijdig beeld van God, dat door de prediking is ontstond. Dat is door het lezen van Gods Woord zelf. En door te vragen: hoe wilt U dat ik Uw Woord lees? Wilt U zelf mijn Leidsman wezen. Zo ging het bij mij. 

Ik ben benieuwd naar jouw ervaring.

vrijdag 19 juni 2026

De preek was mooi

Annelies is vandaag jarig. Ze is al best oud geworden. Negentien jaar.

Vandaag werd Evelien begraven. We gingen met de hele klas naar de Hervormde kerk. Daar hield dominee Fluitjes een preek. Het was erg mooi. Na de preek mochten we Evelien nog even zien. Mijn buik deed pijn en ik moest zo nodig naar de wc. Maar iedereen van de klas liep al, dus ging ik maar mee in de rij.

Evelien lag in een smalle kist en ze had dat leuke rode zomerjurkje aan. Bij haar slaap zat een pleister en op haar wang een snee. Dit was de laatste keer dat ik haar zag. Daarna gingen we haar begraven. Precies op de verjaardag van mijn zus, op maandag 7 mei.


Nu is het jaren later en kijk ik naar die woorden in mijn dagboek: het was erg mooi. Ik had nog niet eerder een preek mooi gevonden.

De dominee heet eigenlijk geen Fluitjes, maar F. Luitjes.

Wat zou ik graag weten waar de preek over ging. Ik ben het vergeten. Leeft deze dominee nog? Zou hij de begrafenis van Evelien herinneren? Wat deed dat met hem?

Zoveel vragen.

vrijdag 15 mei 2026

In het zwart

Eerste snippet uit 2024

Ik weet zeker dat ze van poederroze hield, maar haar wereld werd donkerblauw en uiteindelijk zwart. Ze rouwde om haar zonden en op de Veluwe deed je dat zonder kleur, zoals de psalmdichter: ‘Ik ga den gansen dag in het zwart’.


Soms gingen we naar “Teus Hootsen”, en kocht ze zich arm aan zwart. 

Papa zei dat er in Israรซl geen gitzwarte schapen waren om zulke kleren van te maken. Maar ze kocht ze toch. Ik ook. Later. Ik wilde zo graag bij Gods “klein kuddeke” horen.

2024
Ik ruim mijn kast op en glimlach naar mijn zwarte vestjes. Dat ik weer zwart durf te dragen! Niet meer als bewijs van ernst. Niet meer om ergens bij te horen. Niet meer als kleur van rouw waar je in moet ondergaan. Gewoon zwart. Een vestje. Zachte stof. Een kleur die bij mijn huid past, in combinatie met wijnrood.

Dat is genade: dat zwart weer gewoon zwart mag zijn. En dat ik het dragen kan, zonder mezelf kwijt te raken.