Toen ik in 2024 nog dacht dat mijn schrijfsels een boek zouden worden schreef ik dit:
26 juni
Telkens als ik probeer te schrijven, krijg ik buikpijn. Zijn het gewoon de zomerblues of de vakantie? Nee, ik weet waar het door komt. Ik ben bang om mensen pijn te doen. Bij gevoelige onderwerpen is dat haast onvermijdelijk, toch?
Een opmerking die me raakteIk las een opmerking van iemand met dezelfde kerkelijke achtergrond als ik, die nog steeds in de Gereformeerde Gemeente zit.๐ De opmerking (wel beetje aangepast):Als je tijdens een preek troost en verdieping vindt, en je voelt dat God persoonlijk tot je spreekt, is het dan niet verdrietig als anderen zeggen dat de prediking niet Bijbels is en deze zelfs bekritiseren?TijdmachineIk stelde me voor dat ik een tijdmachine had en terugging naar die tijd. Hoe zou ik mijn stukjes lezen, zittend op het randje van mijn bed, omringd door boeken en preken? Waarschijnlijk zou ik het moeilijk vinden, verdrietig en ongemakkelijk worden, en misschien denken: die schrijver kan nooit een kind van God zijn. Maar ik zit niet meer op het randje van mijn bed. Er ligt ruim 35 jaar tussen toen en nu. Het lijkt onmogelijk om mijn Refocoulumns te schrijven zonder iemand pijn te doen. En als je iemand pijn doet kan je nare reacties verwachten, dat vind ik echt niet fijn. Ik ben er een beetje bang voor.Ik ga weer verderMaar hรฉ, ik ben er weer. Wat me op weg hielp, was een korte uitleg van de bijbetekst hieronder:Want God heeft ons niet gegeven een geest der vreesachtigheid, maar der kracht, en der liefde, en der gematigdheid. Schaam u dan niet der getuigenis onzes Heeren, noch mijns die Zijn gevangene ben; maar lijd verdrukkingen met het Evangelie, naar de kracht Gods; Die ons heeft zalig gemaakt, en geroepen met een heilige roeping; niet naar onze werken, maar naar Zijn eigen voornemen en genade, die ons gegeven is in Christus Jezus, voor de tijden der eeuwen.Ik ontving een aansporingNatuurlijk ben ik geen Timotheรผs, maar ik weet dat Gods Woord nog steeds krachtig is, en ik ontving dit dan ook als een persoonlijke aanmoediging. Ja, ik worstel met een geest van vreesachtigheid, maar met Gods hulp schrijf verder over mijn reformatorische verleden en wel zo oprecht en behoedzaam mogelijk.Wie moest ik geloven?
Op dit moment schrijf ik over mijn innerlijke strijd: de woorden van de dominee versus wat ik las bij John Bunyan en Andrew Gray en anderen. Je weet wel: oudvaders noemen we hen. Wie moest ik geloven? Waar vond mijn twijfelende ziel houvast? Mijn laatste snippet op Instagram, nog voor onze vakantie, ging zo:
"1987 was het jaar dat ik slaagde. Ik besloot niet verder te leren maar te solliciteren.
๐ Ik ging een schriftelijke cursus doen, waarbij ik antwoorden moest insturen. Op die manier las ik een “oudvader” en leerde meer over de leer: een boek van Arnoldus van Rotterdam."๐ฅ Ik bleef maar piekeren over wat de dominee zei in de preken. En dit las ik in รฉรฉn van mijn oude dagboekjes. Ik schreef in 1987:"De dominee zei dat er buiten de bekendmaking van het recht geen mogelijkheid van zaligworden is. Ik ken dat recht niet. Dus is het vermetelheid om op de Heere Jezus te zien. Ik durf er niet mee naar de dominee te gaan om erover te praten. Straks denkt hij dat ik me bekeerd voel. Daar waarschuwt hij steeds tegen. Ik krijg buikpijn als ik aan hem denk en toch zou ik zo graag met hem praten."
__
Nu is het geen 2024 meer maar 16 september 2026. Yep, dit is een stukje van wie ik was, zo lang geleden. Wat een worsteling was dat.
Herken jij er iets van? Kom jij ook uit zo'n kerk?
Geen opmerkingen:
Een reactie posten