Het begon bij mijn klerenkast. Tussen mijn gekleurde truitjes lagen ook nog een paar zwarte vesten. Ik hield ze vast en merkte hoeveel ze wakker riepen: herinneringen aan mijn reformatorische jeugd in Kootwijkerbroek, sommige fleurig, andere donker.
Daarover wil ik schrijven, dacht ik.
Niet over kleren en kleuren... of toch ook weer wel.
Ik schreef al een paar snippets. Korte stukjes van niet meer dan honderd woorden. Sommige vanuit mijzelf als kind. Ik gebruikte oude dagboeken en foto’s, en luisterde naar psalmmuziek op hele noten om in de sfeer van toen te komen.