vrijdag 18 september 2026

Jan Geense (1)

Deze snippet deelde ik in 2024 op Instagram.


๐”๐ข๐ญ ๐ฆ๐ข๐ฃ๐ง ๐๐š๐ ๐›๐จ๐ž๐ค (1987)

Ik heb al mijn zondige verhalen weggegooid. Versnipperd. Ik kan dat niet meer schrijven, en ik wil het ook niet meer lezen. Als ik nog de oude Aritha was, zou ik zeker weten schrijfster van romantische liefdesverhalen kunnen worden. Als je schrijft over zoenen en naar bed gaan, heb je altijd publiek. Maar ik schaam me voor die verhalen. 

Ik heb ze verscheurd.

Mijn schrijftalent heb ik van de Heere gekregen, en nu wil ik het voor Hem gebruiken. Dus schrijf ik andere verhalen. Gelukkig mag ik altijd papa’s typemachine gebruiken. Ik heb er zelf geen, maar dat geeft niet. Vaak schrijf ik eerst met de pen en typ ik het daarna over. Nu schrijf ik verhalen over kinderen in de Bijbelse tijd. Ik gebruik de boeken van papa over die tijd. Hij heeft er zoveel: over de flora en fauna, de gebruiken, en zelfs over het klimaat. Soms is het een hele zoektocht naar hoe het toen was, en dat vind ik zo leuk. Momenteel werk ik aan een verhaal genaamd “Smartenkind”. Het speelt zich af in de tijd voordat Israรซl uitgeleid werd uit Egypte.

Mama vertelde me dat ik een over-overgrootvader heb die ook goed kon schrijven. Hij maakte gedichten en schreef zijn eigen levensverhaal. Ik ben daar zo nieuwsgierig naar. We hebben zijn gedichten en levensbeschrijving in de kast staan, het is een dun beige boekje, maar papa waarschuwde me ervoor. Toch ga ik het lezen, ik ben zo benieuwd. 

Hij en ik horen bij elkaar, als we allebei van schrijven houden.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten