zondag 23 augustus 2026

De God van opa leeft nog

Uit mijn dagboek

 

Ik wilde eigenlijk niet kijken. Ik zat bij de telefoon, in de woonkamer van opa in de flat. Af en toe belde er iemand en dan zei ik: het gaat niet goed met hem. Opa lag op een klein kamertje beneden. Opeens kwam mama binnen en ze zei: "Als je opa levend wil zien, nu kan het nog." Ik wilde niet want ik ben zo bang voor lijden. 

Toch liep ik mee.. o wat schrok ik. Het was eng, herkende opa niet meer. Zo uitgemergeld en zijn mond hing open, en dan die ogen. Ik viel bijna flauw maar mama zei: geef opa maar een hand, Aritha. En ze zei iets tegen opa dat we de zefde naam hadden. Hij heet Arie en ik Aritha.

Ik voelde de kille vingers van de dood. Sterven is iets verschrikkelijks. Je moet er helemaal alleen doorheen. Wat voelde ik me opgelucht dat ik weg kon bij opa. Op de gang haalde ik diep, diep, diep heeeel diep adem. 

Mama zei dat ze samen gezongen had bij opa met haar zus en broer. Ze kan heel niet mooi zingen maar ze deden omdat hij het wilde. Als ik t goed onthouden heb was het deze: 

Maar (blij vooruitzich dat mij streelt)
ik zal ontwaakt, Uw lof ontvouwen
U in gerechtigheid aanschouwen
verzadigd met Uw Goddelijk beeld.

Opa kòn sterven, zijn zonden zijn vergeven. Toen ik opa zo zag liggen, wist ik opeens dat het niet waar was: reincarnatie. Er is een God die leeft en als je onbekeerd sterft is het voor eeuwig te laat. Ik moet de Hem gaan zoeken. 

---

Opa is gestorven. Hij is ook al begraven. Op het graf zei dominee R: "Opa is niet meer, het gras verdort, de bloem valt af. Maar de God van opa leeft tot in alle eeuwigheid. Zoek Hem dan terwijl Hij te vinden is." Daar denk ik steeds aan: de God van opa leeft nog

DE GOD VAN OPA LEEFT NOG 

Geen opmerkingen:

Een reactie posten